Microbiome Center NL

Analyse en behandeling op maat 

Psyche: Depressie, ADHD, Autisme

Psychologische aandoeningen hebben vaak een ontstekingsaspect, en ook
hier zijn relaties met een gewijzigd microbioom niet ongebruikelijk. Dit lijkt misschien wat
onwaarschijnlijk, maar al wat minder bij de wetenschap dat de darmen zeer rijk voorzien zijn van
zenuwen, een twee-richting-verkeer met het brein kennen en om die reden vaak het tweede brein
worden genoemd (58,59). Een verdere aanwijzing voor een rol van het microbioom bij psychische
aandoeningen is dat er bij psychische ziekten heel vaak ook darmziekten zoals IBS en IBD worden
gevonden (60). De aanwijzingen dat het microbioom een directe modulatie van het centraal
zenuwstelsel kan bewerkstelligen, en vice versa, stapelen zich op (62). Er zijn aanwijzingen voor
de relatie met het microbioom gevonden bij:

Depressie. Dit gaat vaak gepaard met een ontregelde hypothalamus-hypofyse-bijnier-as
(HPA-as), verhoogd serum cortisol status, en toename van ontstekingsfactoren gevonden, en
elk van deze factoren kan door het micobioom gemoduleerd worden (60,61,63). Bij
patiënten met zware depressie zijn bovendien afwijkingen in de samenstelling van het
mircobioom gevonden (64). Een ander opvallend verschil ten opzichte van gezonde
controlepersonen is een verhoogde serumwaarde van een specifieke korte-keten vetzuur
(valeriaanzuur). Deze stof wordt door het microbioom aangemaakt, kan de bloed-breinbarrière
kan passeren, en kan een directe invloed uitoefenen op zowel hypothalamus als op
de afgifte van neurotransmitters (64). Hoewel het oppassen is met meta-analyses van
probiotica vanwege de grote verschillen tussen diverse probiotische producten en stammen,
geeft een meta-analyse over probiotica tegen depressie de eerste voorzichtige aanwijzingen
dat probiotica een gunstig effect kunnen hebben (65).


ADHD. Een aanwijzing dat de darmen en/of het metabolisme een rol speelt bij deze
aandachtstekort-hyperactiviteits-stoornis is dat bepaalde diëten en voedingssupplementen in
diverse studies effectief de symptomen verminderen (66,67). Meerdere studies hebben
ook een verhoogde ontstekingsgraad vastgesteld bij ADHD patiënten (68). De eerder
genoemde invloed van het microbioom op het immuunsysteem (en systemische laaggradige
ontsteking) suggereert een mogelijke rol van het microbioom bij ADHD. Bovendien zijn
ook bij ADHD verschillen gevonden in de samenstelling van het microbioom (69,70). Een
RCT waarin moeders de laatste vier weken van hun zwangerschap en vervolgens de
kinderen de eerste zes maanden probiotica of een placebo kregen, geeft een eerste
voorzichtige indicatie voor een gunstig effect, aangezien er na 13 jaar in de placebogroep 5
van de 35 kinderen ADHD of autisme had en in de probiotica groep nul (71).


Autistisch spectrum stoornis. Autisme wordt gekarakteriseerd als ontwikkelingsstoornis en
er zijn sterke aanwijzingen dat omgevingsfactoren tijdens de zwangerschap (zoals bacteriële
of virusinfecties bij de moeder) het risico op autisme bij het kind vergroten (72). Hierbij
speelt neuroinflammatie een rol, wat onder andere samenhangt met verstoringen van het
microbioom van de moeder (72). Bij autistische kinderen zelf zijn ook afwijkingen in de
samenstelling van het microbioom gevonden, met als meest opvallende correlatie een
vertienvoudiging van een bepaalde bacteriegeslacht (Clostridium) (62,63,72). Daarnaast zijn
er aanwijzingen dat een ruim percentage van autistische personen een geschiedenis van
antibioticagebruik kennen en ook is er bij autistische individuen een verhoogde waarde van
een endotoxine van bacteriële oorsprong in het bloed (LPS) aangetroffen (63).
Darmproblemen zoals chronische diarree komen bovendien vaak voor bij autistische
personen en het microbioom wijkt af van dat van gezonde kinderen (62,67,73). Autistische
kinderen behoren tot de groep kinderen die het vaakst worden doorverwezen naar een MDLarts
(74). Ook zijn er aanwijzingen voor een vergrote doorlaatbaarheid van de darmwand,
wat resulteert in immuunreactie (67). Tot slot laat een onderzoek met een aangepaste vorm
van poeptransplantatie zien dat bij 18 autistische kinderen niet alleen de darmklachten sterk
verminderde, maar ook de gedragsscore verbeterde (75).